3 keer beter dan passiefhuiseis: project Hilvarenbeek super luchtdicht

Tussen Tilburg en de Belgische grens ontstaat een van de meest duurzame woningen van Nederland – een ecologisch gecertificeerd passiefhuis. De woning is inmiddels wind- en waterdicht maar binnenwanden en installaties ontbreken nog. En toch is het er nu al behaaglijk: geluiden van buiten dringen niet door, het tocht niet (ook niet als er een deur open staat) en zodra de zon schijnt is het er lekker warm. Hoe dit kan? Luchtdicht bouwen doet wonderen!

Door Jan Geerts, gecertificeerd passiefhuisontwerper en docent bij KERN

Eis voor de luchtdichting bij dit project was n50 < 0.6, zoals door het Passive House Institute gesteld wordt. Dat komt neer op een qv;10 ≈ 0.15. Deze eis is dus veel strenger dan in het Bouwbesluit. En voor passiefhuizen geldt: Meten is weten. Na voltooiing van de gebouwschil is begin januari door adviesbureau Bluemink gemeten hoe luchtdicht de woning is. Hoeveel gaatjes, naadjes en kiertjes zijn er nog in de gebouwschil aanwezig. Gaatjes waardoor ’s winters warmte en waterdamp door naar buiten stroomt. Gaatjes waardoor zomers hete buitenlucht en storende geluiden naar binnen komen. En deze meeting toonde een verbazingwekkend resultaat.

Super luchtdicht

De eerste keer dat de ventilator aangezet werd, werd de blowerdoor (het rode doek plus de ventilator) uit de deursponning geblazen. Dat was al een goed voorteken. Nadat het doek extra goed vastgezet was, werd de meting vlotjes doorlopen. En met een subliem meetresultaat van n50 = 0.20. Alle gaatjes, naadjes en kiertjes bij elkaar opgeteld zijn 15 cm2 groot. Een vierkantje van nog geen 4 x 4 cm. Voor zo ver bekend is dit meetresultaat in Nederland voor vrijstaande woningen niet eerder behaald. Ter vergelijking: om te voldoen aan het Bouwbesluit is een gat ter grootte van een uitgevouwen servet toegestaan. Dit komt dus overeen met een raam dat altijd open staat.

De woning waar het hier over gaat is de woning van KERN-docent Jan Geerts. Samen met zijn vrouw heeft hij de woning in eigen beheer gebouwd. Ook op de bouw doen ze zo veel mogelijk zelf. Als expert ‘gezond, comfortabel en energiezuinig wonen’ is Jan dagelijks met de theorie van luchtdicht bouwen bezig. Ervaring met daadwerkelijk bouwen hadden ze voor de bouw begon zo goed als geen. En toch behalen ze een ongekend goede luchtdichting. Hier was namelijk goed over nagedacht en in de uitvoering lieten ze gewoon geen steken vallen. En de ramen van ENERsign doen er ook wel toe. Deze staan niet alleen bekend om hun hoge isolatiewaardes maar ook om hun superieure kierdichtheid.

Aanpak luchtdicht bouwen

Luchtdicht bouwen is geen hogere wiskunde, maar vraagt wel aandacht en zorgvuldigheid. Het begint met het formuleren van een helder doel. Zoals de passiefhuisnorm in dit geval, de luchtdichtheid is hier integraal onderdeel van en bedoelt om condensschade in de goed geïsoleerde constructie te voorkomen. Hierdoor zijn het ontwerpteam en de bouwers meer gebrand op het behalen van dit resultaat.

1.1 Tijdens het ontwerpen

Er zijn een aantal regeles voor luchtdicht bouwen. Zo moet de luchtdichte laag aaneengesloten doorlopen langs de gehele gebouwschil. Dat klinkt simpel maar er worden al op tekening vaak fouten mee gemaakt. Een tweede regel is: zorg voor eenvoudige details. Deze maken het behalen van een goede luchtdichtheid op de bouw makkelijker. Luchtlekken bevinden zich meestal daar waar twee gebouwdelen op elkaar aansluiten. Denk dan onder andere aan de aansluitingen van dak op gevel, gevelopeningen en installaties die door de gebouwschil gaan. In de details moeten alle onderdelen van de luchtdichte laag zodoende benoemd worden. Daarbij moet de werkvolgorde al tijdens het ontwerpen helder zijn. Bij meer ingewikkelde details helpt een stappenplan.

1.2 Tijdens het bouwen

Op de bouwplaats moet bekend zijn wat het belang is van luchtdicht bouwen. Van alleen maar tapen om het tapen wordt niemand blij. Tapen om tocht en vochtschade te voorkomen werkt motiverend. Daarnaast moet het vanaf het begin duidelijk zijn dat de luchtdichtheid van de woning uiteindelijk gemeten zal gaan worden. Zijn de bouwvakkers nog onervaren met luchtdicht bouwen, dan zal ze uitgelegd moeten worden hoe ze het beste resultaat kunnen behalen.

Het meten van de luchtdichtheid gebeurt bij voorkeur twee keer. De eerste keer net nadat het gebouw wind- en waterdicht is. Het meetresultaat maakt dan inzichtelijk of het uiteindelijke doel bereikt kan worden. Door een warmtebeeldcamera of met rook tijdens de blowerdoormeeting kunnen de lekken visueel gemaakt worden. Afplakken van lekken of het bijstellen van te openen ramen is dan voor de hand liggend.

Een tweede meting vindt plaats net voor oplevering. Bij deze meting moet uiteraard voldaan worden aan het vooraf gestelde doel.

Wil je je bekwamen in luchtdicht bouwen? Kijk dan eens rond in ons trainingsaanbod! Bijvoorbeeld geeft onze 4-daagse training Energieneutraal bouwen en renoveren volop aandacht aan de praktijk van luchtdicht bouwen.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *